overprikkeling

Beperk de gevolgen van overprikkeling

beperk gevolgen van overprikkeling

beperk de gevolgen

Maak van tevoren een plan hoe je hiermee om kan gaan

      1. Neem het jezelf of een ander niet kwalijk als deze een ‘meltdown’ heeft. De stress die dat oplevert, kan op zichzelf al een trigger zijn voor een volgende meltdown
      2. Oefen rustgevende (diepe) ademhaling
      3. Vermijd prikkels tijdens een meltdown: spreek rustig en zo min mogelijk
      4. Blijf kalm en acteer kalm

a. Geef ruimte, vermijd prikkels. Eventueel kan je een STEVIGE knuffel geven

b. Haal het kind uit de situatie (meeste meltdowns komen door sensorische overprikkeling, stop alle prikkels, zo mogelijk)

c. Leer het verschil tussen een meltdown en een woede-uitbarsting. Om het verschil te bepalen, kan je een antwoord vinden op de volgende vragen:

i. Wat is er te ‘winnen’ voor het kind, middels dit gedrag?

ii. Speelt het kind in op het publiek?

iii. Loopt het kind gevaar of doet het zichzelf pijn?

d. Bereid je voor op toekomstige meltdowns

i. Zorg voor een actieplan voor stressvolle situaties

e. Schakel zo nodig hulp in

Oefeningen om meltdowns te voorkomen:

Meer over ‘omgaan met meltdowns’:

Meer weten: